Op 3 mei 2017 werd de 18-jarige asielzoeker Luel Lebasi uit Eritrea neergestoken voor de deur van Villa Vrede na een ruzie met een andere ongedocumenteerde man. Freelance journaliste Katja van Nimwegen die Luel wekelijks sprak, schreef hierover in het Utrechtse weekblad DUIC (12-05-2017): “Dat is waar jongeren zonder verblijfsvergunning in terechtkomen nadat ze uit de reguliere opvang verdwijnen: een wereld van stress, van mensen zonder toekomst en zonder vaste woonplaats. Ondanks de begeleiding die er voor hen is, leidt dit regelmatig tot ruzies, persoonlijke problemen en incidenten. Deze week leidde het tot de dood van Luel. (…) Het verdriet is groot, bij zijn vrienden, bij Villa Vrede, bij verschillende vrijwilligers en bij mij. Luel was geen Nederlander, maar wel een bewonderenswaardige stadgenoot.”

Op basis van een gesprek met Katja van Nimwegen die initiatief nam voor een journalistiek project rond jonge vluchtelingen zonder verblijfsvergunning, kwam dit postume portret van Luel tot stand.

Hoe ervoer Luel zijn verblijf in Nederland?

Hij vluchtte weg uit Eritrea, toen hij nog maar zestien jaar oud was. Via allerlei omzwervingen dwars door Ethiopië, Soedan, Libië, Italië en Zwitserland kwam Luel in Nederland terecht. Als AMA (alleenstaande minderjarige asielzoeker) klopte hij aan bij een Nederlands opvangcentrum, maar omdat hij daarvoor al door andere Europese landen reisde had hij – volgens het Dublin-verdrag – eerst dáár asiel moeten aanvragen. Maar dat wilde hij niet, want in Italië en Zwitserland is heel weinig bijstand, daar leven vluchtelingen bijna allemaal op straat. Toen ze hem dreigden uit te zetten naar Italië of Zwitserland is hij uit de opvang gevlucht.

Wat heeft Luel meegemaakt in de tijd dat hij hier verbleef?

Luel pakte de bus naar Utrecht en probeerde hier te overleven. Dat viel niet mee. Hij wilde overnachten bij een vriend, maar die zat zelf in de opvang en kon niet zomaar iets voor hem regelen. Luel maakte makkelijk contact, ondanks de taalbarrière, en sprak overal in de stad mensen aan. Via via kwam hij bij de nachtopvang van Toevlucht en bij de dagopvang van Villa Vrede terecht. Hij was blij met alle mensen die hem wilden helpen, met de nieuwe vrienden die hij maakte. Maar hij vond het heel moeilijk om te accepteren dat Nederland ook een andere kant had: het harde regeringsbeleid, ambtenaren en politici die hem geen woonplek, geen baan of toekomst leken te gunnen.

Wat betekende Villa Vrede voor hem?

Villa Vrede en de Toevlucht waren heel belangrijk voor Luel. Bij Villa Vrede kreeg hij o.a. taallessen en daarvoor was hij zeer gemotiveerd. Hij ging erg snel vooruit en wist zich steeds beter uit te drukken. Ik heb zelden iemand ontmoet die zo leergierig was. Luel hield van Nederlandse woorden met een bepaalde gevoelswaarde. Zoals het woord “schuilen” in het liedje van Claudia de Breij ‘Mag ik dan bij jou?’ dat ze es tijdens een taalles bespraken. Naast een zinvolle dagbesteding vond hij de nodige vrienden en behulpzame vrijwilligers bij Villa Vrede.

Welke talenten had Luel?

Hij had twee ambities: profvoetballer worden en andere mensen helpen. Luel wist nog niet precies hoe zijn dromen vorm te geven, hij was nog maar 18 jaar. Als christen betekende zijn geloof veel voor hem. Luel stond heel positief en hoopvol in het leven.

Wat wilde hij andere mensen meegeven?

Luel was er niet bewust mee bezig andere mensen iets mee te geven, maar toch leerde hij ons iets door zijn karakter, zijn positieve levensinstelling. Als er problemen waren, als er deuren voor hem als vluchteling dicht gingen, dan zei hij: ‘Oké, dat gaat dus niet, maar wat kan er nog wel?’ Toen een vriend uit Eritrea overleed vond hij dat heel moeilijk, maar toch probeerde hij hoopvol te blijven en naar de toekomst te kijken. Luel probeerde voluit te leven, ondanks alle tegenslag. Zo heeft hij veel mensen geïnspireerd.

Als hij burgemeester van Utrecht of minister-president van Nederland was geweest, wat zou hij gedaan hebben?

Hij vond het belangrijk dat je anderen altijd respectvol benadert, vooral oudere mensen. Zo was hij opgevoed. Dat respect zou volgens hem ook zichtbaar moeten worden op beleidsniveau in Nederland, namelijk door alle mensen, ook vluchtelingen, volop kansen te geven. De menselijke gelijkwaardigheid kon je op die manier zichtbaar maken.

Wat was zijn hoop voor de toekomst?

Uiteraard hoopte hij op een verblijfsvergunning en een woonplek. En daarna zou hij zijn droom als profvoetballer of hulpverlener najagen. Het is een groot drama dat hem dit nooit zal lukken door zijn vroegtijdige dood. Nu moeten anderen zijn dromen maar zien waar te maken. Bijvoorbeeld via Way to Stay, een huisvestingsproject in Utrecht voor kwetsbare vluchtelingen met een Dublin-claim. (Zie: www.waytostay.nu.)

 

Interview: Gottfrid van Eck, pr-vrijwilliger bij Villa Vrede

———————————-