Door: Hugo Verkley

In het nieuws gaat het bijna dagelijks over vluchtelingen. Maar wie zijn die mensen eigenlijk? En hoe bouwen zij in Nederland een bestaan op? Straatnieuws zoekt vluchtelingen in Utrecht op en geeft hen een gezicht. Nu deel II in een serie. Assadek, de zoekende Libiër.

Vrijwel iedere dag is Assadek (1988) te vinden in de sportschool bij De Stadsbrug, waar hij gratis kan sporten. Even het hoofd leegmaken door zich enkel te concentreren op het heffen van gewichten en verbeteren van zijn conditie. Soms sport hij wel vijf uur achter elkaar. Dan gaat hij naar Villa Vrede, ontmoetingsplaats waar vluchtelingen welkom zijn. Hij praat er wat, vooral met Nederlandse mensen. Soms brengt de moslim een bezoek aan een moskee. In de avond eet hij wat bij het Smulhuis en krijgt hij regelmatig les in kickboksen. Daarna terug naar ‘huis’, dat sinds drie maanden Toevlucht is. In de nachtopvang voor ongedocumenteerden mag hij zich vanaf acht uur in de avond melden, dankzij STIL dat zijn nachten en ook avondeten betaalt. Hij deelt daar een kamer met enkele andere mannen, om de volgende ochtend na een ontbijtje uiterlijk om acht uur weer op straat te staan. Dan herhaalt zich de dag van gisteren. Ondertussen blijft de jonge Libiër hopen op een verblijfsvergunning in Nederland. Zo’n vier jaar geleden verliet hij Libië, dat na de dood van dictator Khadaffi (2011) onrustiger lijkt dan ooit. Assadek zegt goede redenen te hebben daar niet meer veilig te zijn en vlucht, per gammel bootje, naar het Italiaanse eiland Lampedusa. Per trein komt hij uiteindelijk in Nederland terecht, waar hij asiel aanvraagt. Zijn aanvraag wordt afgewezen, de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) denkt niet dat het voor hem in Libië onveilig is. Assadek belandt op straat, zwerft wat rond en vertrekt naar Duitsland. Ook daar een dichte deur. Aangezien hij eerder in Nederland al asiel aanvroeg, kan hij dat in Duitsland niet meer doen. In Zweden krijgt hij hetzelfde te horen. Hoewel hij daar een tijd zwart werk doet in de visverwerking, besluit hij deze zomer terug te keren naar Nederland in de hoop zijn zaak opnieuw te kunnen openen. Een advocaat is ermee bezig, ondertussen slijt hij zijn dagen in de sportschool.

Lukt het om je weg te vinden in Utrecht?

‘In het begin was dat moeilijk. De eerste avond dat ik in Utrecht sliep, kon ik Toevlucht niet vinden. Uiteindelijk kon ik bij een vreemde man en zijn gezin slapen. Hij bood me dat op straat aan. Een heel weekend verbleef ik daar, totdat hij en zijn gezin op vakantie gingen. Dat was geweldig. Ik probeer zoveel mogelijk met Nederlandse mensen om te gaan, zodat ik snel Nederlands leer. Dat is erg belangrijk voor me en gaat me steeds beter af.’

Voel je je welkom, onder meer door de aanslagen in Parijs? Jij bent moslim en een aantal mensen heeft niet zo’n positief beeld van de Islam.

‘Ik ben niet voor niets gevlucht uit Libië. IS is ook daar te vinden en is een grote maffiabende. Wat zij doen heeft niets met de Islam of een goede moslim zijn te maken. Zij vermoorden ook moslims. Ik heb nu een spijkerbroek en blouse aan. Als ik met deze kleren terug zou gaan naar Libië, zou de IS mij vermoorden. Volgens hen zou ik geen goede moslim zijn door mij zo te kleden. Maar zij zijn gek. Ik, als moslim, respecteer iedereen. Christenen, Joden, mensen die niet in God geloven. Als iemand iets anders gelooft, ga je die persoon toch niet vermoorden? Dat heeft niets met de Islam te maken. De mensen in Nederland zijn trouwens perfect. Met hen heb ik nooit problemen. Ik voel me goed in Utrecht. Het is een mooie en rustige stad en ik zou hier graag blijven.’

Maar voorlopig heb je nog geen verblijfsvergunning en misschien wel nooit. Is terugkeren naar Libië dan echt geen optie?

‘Nee, want daar word ik vermoord. Iedereen heeft er een geweer, er is geen veiligheid. Ik heb nu een andere advocaat en hoop hier alsnog een vergunning te krijgen. Het leven is moeilijk, want ik heb geen geld en ben alleen. De kleren die ik heb, kocht ik in Zweden toen ik daar werkte. En bij Villa Vrede wordt er soms kleding gebracht. Natuurlijk voel ik me soms slecht, maar stilzitten doe ik niet. Daar komt alleen maar stress van. Om dat te voorkomen blijf ik bezig en sport ik zoveel. Ondertussen blijf ik geloven in verandering, in een goed leven met een verblijfsvergunning, een huis en werk. Hier in Nederland.’

Dit verhaal werd mede mogelijk gemaakt door Stichting Dialoog.